Geologische geschiedenis

De geschiedenis van de Boomse klei (Rupeliaan) begint 33.9 MJ (miljoen) jaren geleden. Het wordingsproces werd bepaald door de klimaatveranderingen. De Ieperse klei dateert al van 65 MJ jaar geleden in een eerder warme periode. Rond 50 MJ begint het af te koelen. Onder de klei vindt men afzetting van Ruisbroekzanden, die grote stenen bevat wat bij het graven van de Rupeltunnel grote problemen veroorzaakte. Hierop zullen de kleine kleipartikels bezinken in een rustige binnenzee die tot ver in het binnenland doordringt. Door de afwisseling van relatief warmere en koudere perioden is de samenstelling kleiafzetting verschillend. Dit is merkbaar in de lagenstructuur van de Boomse klei. De ene laag bevat meer zand, de andere meer kalk, andere dan weer meer organisch materiaal.

geologische geschiedenis1

Eén dergelijke laag vroeg 40000 jaar om gevormd te worden. De laagdikte van de Boomse klei was oorspronkelijk 140 m dik. Men vindt ze nog onaangeroerd in de Kempen op 200 meter diepte.

Het klimaat werd rond 23 MJ jaar terug warmer.

Er is sterke opheffing en erosie van de bodem. De kleiafzetting loopt ten einde. En door de opheffing van de aarde zullen de kleilagen aan de oppervlakte komen en 80 meter klei doen wegeroderen.

Het werd terug kouder in de periode tussen 20MJ en 5MJ jaar. De zeespiegel daalt en de Rupelstreek komt droog te liggen. Er komt een periode van afzetting van groen glauconietzand afgewisseld met perioden van sterke erosie.

Vanaf 2.5 MJ jaar beginnen de ijstijden. Het noordpoolijs ontstaat. Er zijn geen zeeafzettingen meer.

Het is een periode van gele zandafzetting, die nu aangevoerd wordt door de wind.

Deze grote variëteit in klimaat en bodem vindt men terug in de fossielen die in de verschillende lagen worden aangetroffen .

G6